Algemene voorwaarden

ALGEMENE VOORWAARDEN
 
Art. 1. Opdrachtgever en Debru
1.         Onder opdrachtgever wordt verstaan diegene die de opdracht heeft gegeven, onder Debru:
            de besloten vennnootschap
            DEBRU HOOGWERK B.V.
            gevestigd en kantoorhoudende te (9581 GE) Musselkanaal
            aan de Schoolstraat 115
2.         Alle opdrachten worden geacht te zijn verstrekt ter plaatse waar Debru is gevestigd, alle betalingen door de opdrachtgever dienen aldaar te geschieden.
 
Art. 2. Offertes
1.         Alle door Debru verstrekte offertes zijn vrijblij­vend, tenzij uitdrukke­lijk anders is overeengeko­men.
2.         Wanneer er prijsopgave aan Debru wordt gevraagd en door hem verstrekt, welke prijsopgave betrekking heeft op het uitvoe­ren van verschil­lende en meerde­re werkzaamheden, is Debru niet gehouden aan de door hem verstrekte prij­zen, wanneer de opdrachtge­ver voor verschillende in de prijs­opgave genoemde werkzaam­he­den geen opdracht verstrekt, en het totaal door de opdrachtgever uit te voeren werk dus minder is, dan waarvan Debru bij het verstrekken en het calcule­ren van de prijsopgave was uitgegaan. In een dergelijk geval kan en mag de opdrachtgever geen enkel recht meer ontlenen aan de in prijsopga­ve genoemde prijzen, deze verval­len en Debru heeft het recht een nota te zenden waarbij de normaal door hem gehanteerde prijzen voor de uitgevoerde werkzaamheden aan de op­drachtgever zullen worden gefactureerd.
3.         Indien na een gevraagde offerte de opdracht uit­blijft, kunnen de kosten der calculatie aan de opdrachtgever in rekening worden gebracht.
4.         Een opdracht wordt eerst dan door Debru geacht te zijn aanvaard, wanneer hij de aanvaarding van de opdracht schriftelijk aan de opdrachtgever heeft kenbaar gemaakt danwel met de uitvoe­ring van de opdracht is aangevangen.
5.         Het achterhouden door de opdrachtgever van gegevens en/of om­standig­heden, welke gegevens en/of omstan­digheden Debru­­­ eerst ontdekt nadat hij met de werkzaamheden is aange­van­gen, en welke gegevens en/of omstandigheden tot gevolg heb­ben, dat er met het voltooien van de aanvaarde werkzaamheden bedui­dend meer tijd en moeite gepaard gaat dan waarop Debru­ bij calculatie van de op deze op­dracht be­trekking hebbende prijsopgave kon rekenen,
            maakt dat de verstrekte prijsopgave vervalt en  derhalve voor Debru­ niet meer bindend is.
6.         Bij een constatering door Debru van een situatie als omschre­ven onder punt 5 van dit artikel ver­krijgt Debru­ het recht, om:
a. de werkzaamheden terstond te staken, zonder dat de op­drachtgever­ hem alsdan voor een even­tueel door hem te lijden schade aansprakelijk kan stel­len, terwijl de op­dracht­gever gehouden is direct aan Debru­­ te voldoen, dat ge­deelte waarop Debru­ recht heeft op grond van het reeds door hem uitgevoerde werk,
            of:
b. de werkzaamheden te continueren en aan de op­drachtgever in rekening te brengen de in dit ver­band ge­maak­te extra kos­ten, één en ander volledig ter keuze van Debru­.
7.         Veranderingen in een reeds verstrekte opdracht door de op­drachtgever aangebracht, kunnen tot gevolg hebben, dat de vooraf genoemde termijn die benodigd is voor het uitvoeren van de oorspronkelijke op­dracht, moet worden verlengd, zonder dat alsdan Debru­ schadeplichtig zal worden. Wanneer Debru zulks wenst is hij alsdan ook gerechtigd, zonder schadeplichtig te wor­den, de werkzaamheden geheel te staken.
 
Art. 3. Wijzigingen in de opdracht
1.         Wijzigingen in de oorspronkelijke opdracht van welke aard ook, monde­ling of schrifte­lijk door of namens de opdrachtge­ver aangebracht, welke wijzi­gingen hogere kosten veroor­zaken dan waarop bij de prijsopgave kon worden gere­kend, worden aan de opdrachtge­ver extra in rekening gebracht. Verande­rin­gen welke daarentegen verminde­ring van kosten ten ge­volge hebben, zullen aanleiding geven tot facturering van een lager bedrag dan is overeenge­ko­men.
2.         Door de opdrachtgever, na het verstrekken van de opdracht alsnog verlangde wijzigin­gen in de uitvoe­ring daarvan, moeten door de op­drachtgever tijdig en schriftelijk aan Debru­ ter kennis worden ge­bracht. Worden de wijzigingen mondeling of per telefoon aan Debru doorgegeven, dan is het risico voor de tenuit­voerleg­ging der wijzigingen voor rekening van de opdrachtge­ver.
 
Art. 4. Betalingscondities
1.         Betaling dient te geschieden zonder aftrek van enige korting en indien niet anders is overeengeko­men, binnen 8 dagen na factuurdatum.
2.         Debru heeft het recht, ongeacht de overeengekomen beta­lingscon­ditie, om voor de aanvang van de werk­zaamheden voldoende zekerheid voor de betaling te verlangen. Is de opdrachtgever niet bereid of in staat deze zekerheid te verstrekken, dan heeft Debru het recht de ver­strekte opdracht als niet verstrekt te beschouwen, dan wel wanneer hij reeds met de uitvoering der werkzaamheden is begonnen, deze acuut te staken en zijn nota op basis van de uitgevoerde werk­zaamhe­den te zenden.
3.         Indien in een lagere kredietgeving dan 8 dagen na factuurda­tum wordt toegestemd, of wanneer deze langere krediettermijn ongevraagd wordt genomen, is de opdrachtgever rente over het factuurbedrag verschul­digd. Deze rente bedraagt 1,5% per maand over het openstaande factuur­bedrag.
4.         Wanneer de opdrachtgever geen betaling heeft ver­strekt binnen de in lid 1 van dit artikel genoemde termijn, is hij in gebreke, en is hij de vastge­stelde rente verschul­digd, zonder dat Debru aan hem rentenota's hoeft te zenden. Bovendien ver­krijgt Debru, enkel en alleen door het verstrijken van de beta­lingster­mijn, het recht derden met invordering van het ver­schuldigde bedrag te belasten.
5.         Maakt Debru van zijn recht om derden (advocaat, deurwaar­der of incassobu­reau) met de invordering van het ver­schuldigde te belasten gebruik, dan zijn alle hieraan verbon­den kosten, zowel de gerechte­lijk als wel de buitengerechte­lijke, voor rekening van de opdrachtgever. De buitengerechte­lijke incas­sokosten bedragen minimaal 15% van het te incasse­ren bedrag, zulks met een minimum van € 50,00.
6.         Alle geleverde goederen, produkten, machines, onderdelen e.d. blijven eigendom van Debru tot het moment waarop de opdrachtgever voor betaling van de hoofdsom plus rente en kosten heeft zorg gedragen.
 
Art. 5. Schadeaansprakelijkheid
1.         Alle schaden, welke bijvoorbeeld als oorzaak hebben aanrij­ding, en welke bijvoorbeeld het gevolg zijn van slecht be­gaanbare paden of wegen, alles plaats­vindende op het grondge­bied van de opdrachtgever, danwel op het grondgebied van de persoon in wiens opdracht de opdrachtgever de werkzaamheden uit­voert, komen, voorzover zij niet door de verzeke­ring van Debru worden gedekt, voor rekening van de op­dracht­gever.
2.         De aansprakelijkheid van Debru gaat nimmer verder en zal nimmer meer bedragen dan het bedrag dat in voor­komende gevallen door de verzekering van Debru wordt uitgekeerd.
3.         De opdrachtgever heeft de verplichting ervoor zorg te dragen dat Debru bij het uitvoeren van de aan hem opge­dragen werkzaam­heden op de terrei­nen alwaar de werkzaamheden moeten worden verricht, niet wordt gehinderd door onbegaan­baarheid van deze terrei­nen, terwijl deze bovendien vrij dienen te zijn van obsta­kels of andere versperringen en hindernissen. Tevens dient het werkterrein goed bereikbaar te zijn.
4.         De opdrachtgever dient zorg te dragen voor voldoen­de verhar­ding op alle plaatsen waar Debru met zijn machi­nes en/of werktuigen werkzaam­heden moet ver­rich­ten. Alle eventu­ele schaden door verzakking of instorting komen volledig voor rekening van de opdrachtgever.
 
5.         Schaden aan de machines of werktuigen van Debru, welke het direct gevolg zijn van verzakking of instorting, één en ander in de ruimste zin van het woord, plaatsvindende op de werkterreinen en plaats hebbende tij­dens het uit­voe­ren door Debru van de aan hem opgedragen werkzaam­heden, of tijdens de voorbereiding of afwerking van deze opdrachten, zijn volledig voor rekening van de opdrachtgever.
6.         Debru gaat ervan uit, dat op de terreinen van op­drachtgever dezelfde betrekkelijke wetsartikelen van toepas­sing zijn, die gelden op openbare terrei­nen en wegen, m.b.t. de verkeersre­gels.
7.         Indien er zich boven het werkgebied kabels of andere opstakels bevinden, heeft de opdrachtgever de verplichting aan Debru de exacte hoogte te melden van deze opstakels en/of kabels. Bovendien dient de opdrachtgever Debru bij te staan wanneer Debru werkzaamheden in de onmiddellijke nabij­heid van bovengrondse kunstwerken dient te verrich­ten. Schade aan derge­lijke kunstwerken is nimmer voor rekening van Debru.
8.         Wanneer er schade ontstaat aan ondergrondse leidin­gen en/of fundamenten ten gevolge van verzakking door het hoge gewicht van het materieel van Debru, is deze schade niet aan Debru toe te rekenen.
9.         Wanneer Debru opdrachten verkrijgt van de op­drachtgever, welke opdrachten bestaan uit het slopen en daarna storten van het vrijgekomen afval, gaat Debru er van uit, dat er voor deze goede­ren of produkten geen stor­tings­verbod geldt. Voor eventue­le schaden van welke aard dan ook, ook wegens "aantasting van het mi­lieu", veroorzaakt door het slopen of storten van dergelijke produkten, is nimmer Debru­, doch altijd de opdrachtgever aanspra­kelijk.
 
Art. 6. Betaling uitgevoerde werkzaamheden
Debru heeft het recht bij uitgebreide en complexe werkzaam­heden, wanneer het totaal van de gehele opdracht een bedrag beloopt van meer dan € 250,00, tussentijds nota's te zenden, welke nota's alsdan dienen te zijn gebaseerd op het tot dat moment uitgevoerde gedeelte van de opdracht. Beta­ling door de op­drachtge­ver dient alsdan te geschie­den als omschreven in artikel 4 van deze bepalin­gen. De opdrachtge­ver heeft derhal­ve niet het recht de betaling op te schorten tot dat de gehele op­dracht door Debru­ is uitgevoerd.
 
 
Art. 7. Afgesproken termijnen
Alle door Debru genoemde termijnen voor het uitvoe­ren van werk­zaam­heden zijn door de op­drachtgever steeds als approxima­tief en nimmer als fatale termij­nen te betrachten, tenzij dit uitdruk­kelijk anders en schriftelijk tussen partijen is overeen­ge­komen.
 
 
Art. 8. Annuleringen door de opdrachtgever
Wanneer de opdrachtgever een reeds verstrekte opdracht annu­leert, is hij gehouden aan Debru te voldoen, alle door deze redelijker­wijs gemaakte onkosten deze opdracht betreffende. Boven­dien dient er door de opdrachtgever te worden vergoed de winstder­ving die Debru lijdt en welke is bepaald op 20% van het bedrag dat de totale opdracht zou belopen.
 
Art. 9. Reclames
1.         Alle reclames dienen schriftelijk te geschieden, uiterlijk 8 dagen na factuur­datum. Een opdrachtge­ver die de deugdelijk­heid van het uitge­voerde werk niet binnen acht dagen na factuurdatum heeft onder­zocht, wordt geacht met de kwaliteit van het uitge­voerde werk akkoord te zijn gegaan.
2.         Debru heeft het recht voor "ondeugdelijk" uitge­voerd werk, "goed werk" in de plaats te leveren.
3.         Wanneer de opdrachtgever uiterlijk 8 dagen na ontvangst van de factuur geen op- en/of aanmerkin­gen heeft gemaakt op de berekende prijzen, wordt hij geacht deze te hebben goedge­keurd.
 
Art. 10. Draagwijdte van de algemene voorwaarden
1.         Door het geven van een opdracht erkent de opdracht­gever deze bepalin­gen te kennen en er genoegen mede te nemen.
2.         Wanneer in een bevestiging van de opdrachtgever bepalingen of voor­waarden worden vermeld, welke strijdig zijn met deze bepalingen, worden deze door Debru niet erkend, tenzij hij de afwijkende bepa­lingen uitdrukke­lijk schrifte­lijk aanvaardt.
3.         Bij samentreffen van deze bepalingen met bepaalde voorwaarden als gehan­teerd door de opdrachtgever, zullen Debrus bepalingen prevaleren.
 
Art. 11. Prijswijzigingen
Bij stijging of daling der prijzen van materialen of grond­stoffen, welke voor de uitvoering van een opdracht benodigd zijn, verande­ringen van lonen, sociale werkge­vers­lasten of andere arbeidsvoor­waarden, ernstige wijzigingen der valuta­verhoudin­gen, etc., is Debru gerechtigd met inachtneming van de wettelijke bepalin­gen van dwingend recht de overeengekomen prijzen dienovereenkom­stig te verho­gen of te verlagen.
 
Art. 12. Overmacht
1.         Storingen in het bedrijf van Debru ten gevolge van over­macht, (als zodanig zullen o.a. gelden: oorlog, mobili­satie, onlus­ten, overstromingen, gesloten scheepvaart of andere stremmin­gen in het verkeer, stagnatie in, resp. beper­king van leve­ringen van materialen en/of energie, machine­breuk, ongeval­len, stakingen, uitsluitingen, maatre­gelen van over­heidswege, etc.)
die de normale bedrijfsgang bij Debru­ ver­storen, ontheffen Debru redelijkerwijs van de verplichting reeds aanvaarde opdrach­ten geheel uit te voeren, zonder dat de opdrachtgever alsdan recht op schadevergoeding krijgt.­­­­­­­­­­­
2.         In geval van overmacht zal Debru daarvan onver­wijld mededeling doen aan de opdrachtgever, zullen de op­drachtgever na ont­vangst van die mededeling het recht hebben gedurende acht dagen na ontvangst van die mededeling de verstrekte opdracht te annuleren, dit onder de verplichting om aan Debru het reeds uitgevoerde gedeelte van de opdracht te vergoeden.
 
Art. 13. Geschillen
Alle eventuele geschillen welke tussen de opdracht­gever en Debru­ mochten ontstaan, zullen worden voorgelegd aan de bevoegde rechter zitting houdende in het arrondissement waaronder de woon- of vesti­gingsplaats van de opdrachtgever ressor­teert.
 
Art. 14. Schade aan de machines van Debru
1.         De opdrachtgever dient er voor zorg te dragen dat het terrein waarop Debru­ het werk dient uit te voeren vrij is van afval, zoals delen oud ijzer, vergeten gereed­schappen, kabels, touwen etc.
2.         Wanneer ten gevolge van bovengenoemde zaken schade ontstaat, van welke aard dan ook, aan de machines van Debru­, is deze schade voor rekening van de opdracht­gever.
 
Art. 15. Verstrekken van opdrachten door de op­drachtgever
1.         De opdrachtgever dient de opdrachten tijdig aan Debru­ te ver­strekken, opdat deze de opgedragen werkzaamheden tijdig kan plannen.
2.         Wanneer de opdrachten niet tijdig worden verstrekt, worden deze door Debru­ enkel aanvaard, onder vrij­waring door de op­drachtge­ver van eventuele schade wanneer de op­dracht later gereed komt dan de op­drachtge­ver had gewenst.
 
 
Art. 16. Kredietbeperking
Debru heeft het recht zijn nota's te verhogen met kredietbe­per­king, welke kredietbeperking niet hoeft te worden voldaan, wanneer de opdrachtgever de nota binnen 8 dagen na fac­tuurda­tum betaalt.
 
 
BIJZONDERE VOORWAARDEN inzake de AANNEMING van WERKEN
 
Art. 17.
1.         Debru is gerechtigd meerwerk in rekening te bren­gen, minderwerk zal in mindering op de aanneem­som worden gebracht.
2.         Als meerwerk wordt bepaald al datgene dat door Debru­ op verzoek van de opdrachtgever, buiten datgene dat in de over­eenkomst is overeengekomen, wordt of is uitge­voerd.
3.         Wijzigingen in de oorspronkelijke opdracht zullen worden verre­kend, evenals meer- en/of minderwerk, ook indien zij niet schrif­te­lijk zijn opgedragen.
 
Art. 18.
1.         Alvorens de termijn, waarbinnen het werk tot stand dient te worden gebracht, aanvangt, dient Debru van de op­drachtgever te hebben ontvangen:
a. alle noodzakelijke gegevens betrekking hebbende op het werk, de bouwplaats en de werkomstandighe­den, etc.,
b. de benodigde vergunningen ontheffingen, goedkeu­ringen, toewijzingen en de vrijwarin­gen voor Debru jegens derden.
2.         Debru zal eerst met de aanvang der werkzaamheden aan­vangen, wanneer de bereikbaarheid van de bouw­plaats aan­vaard­baar is, en er energie komend van openbare nutsbedrijven aanwezig is op de bouwp­laats.
3.         De termijn van uit­voering en/of oplevering van een werk wordt verlengd met de tijd welke de opdracht­gever een opeis­bare termijn, of een gedeelte daar­van, onbetaald laat.
4.         De opleveringstermijn zal tevens wegens overmacht overschre­den kunnen worden. Onder overmacht kan, buiten de in artikel 17 van deze voor­waarden ge­noemde zaken, tevens worden ver­staan onwerkbare dagen ten gevolge van de weersomstandighe­den.
5.         Bij uitvoering van een werk in uurloon is de ter­mijn, binnen welke het werk zal worden voltooid, slechts een raming. Voor schade, in welke vorm dan ook, voortvloei­en­de uit termijn­over­schrijding, is de opdrachtnemer nimmer aansprakelijk.
 
Art. 19.
1.         De opdrachtgever dient ervoor zorg te dragen, dat eventueel door derden uit te voeren werkzaamheden, welke niet tot het door Debru aangenomen werk behoren, zodanig en tijdig worden verricht, dat de uitvoe­ring van het aangenomen werk geen vertraging onder­vindt.
2.         De opdrachtgever dient op zijn kosten - zo de uitvoering van het werk zulks naar het oordeel van Debru vergt - te zorgen voor een behoorlijk gele­genheid voor aanvoer, opslag en of afvoer van materialen, werktuigen en/of grondstoffen.
 
 
3.         De regeling van het werk geschiedt door Debru­, tenzij zulks uitdrukkelijk anders is overeengeko­men.
4.         Indien de opdrachtgever de levering van bepaalde materialen aan zich heeft voorbehou­den, en/of op zich heeft genomen gedeelten van het werk zelf uit te voeren, is hij jegens Debru aansprakelijk voor alle schadelijke gevolgen van niet tijdige aanvoer, niet tijdige uitvoering van de werk­zaamheden en/of verstoring van de werkzaamheden van Debru­.
 
Art. 20.
1.         De door Debru voor het werk gebruikte materi­alen en/of grond­stoffen zullen van de normaal ge­bruike­lijke han­delskwa­li­teit zijn.
2.         Wanneer de opdrachtgever deze materialen en/of grondstoffen voor gebruik wil keuren op kwaliteit, dient deze keuring te geschieden direct na aankomst van deze zaken op de bouw­plaat­s. Indien deze keu­ring alsdan niet geschiedt, wordt aangeno­men dat de opdrachtgever de zaken heeft goedgekeurd.
3.         Na verwerking van de materialen is geen reclame omtrent de kwaliteit meer mogelijk, tenzij de opdrachtgever aantoont dat de verwerkte materialen niet de normale handels­kwaliteit bezaten ten tijde van de verwerking.
4.         De opdrachtgever is bevoegd bouwstoffen door derden te laten onderzoe­ken. De daaraan verbonden kosten zijn altijd voor rekening van de opdrachtgever.
5.         Voor Debru is een afkeuring van bouwstoffen door derden eerst relevant, wanneer van deze derden een bepaal­de deskun­digheid mag worden verondersteld. Keuring in opdracht van de op­drachtgever dient derhalve bij voorkeur te geschie­den door officieel erkende instanties zoals T.N.O.
6.         Voor de door Debru voor de uitvoering van het werk benodigde en aangeleverde materialen, grond­stoffen, gereed­schappen e.d., draagt de opdrachtge­ver het risico van verlies en/of bescha­diging, diefstal, brand, etc., vanaf het moment waarop zij op het werk zijn aangevoerd, en zulks gedurende de tijd, dat zij aldaar buiten de normale werktijden en derhalve zonder direct toezicht van Debru, verblij­ven.
7.         De opdrachtgever is verplicht voor zijn rekening het werk, daaronder mede begrepen het gebouwde of te bouwen object waaraan het werk wordt uitgevoerd, te verzekeren tegen alle eventuele schaden.
 
Art. 21.
Debru is nimmer aansprakelijk voor immateriële schaden, bedrijfs- en/of stagnatie­schaden.
 
Art. 22.
1.         Het werk wordt geacht te zijn opgeleverd op het tijdstip waarop Debru dit aan de opdrachtgever mee­deelt, dan wel wanneer de opdrachtgever het in gebruik heeft geno­men, of heeft laten nemen.
2.         Gedurende 30 dagen na dit tijdstip kan de opdracht­gever verbe­teringen verlangen van gebreken die aan schuld of nala­tigheid van Debru kunnen worden toege­schreven en voor­zover deze duidelijk omschre­ven te zijner kennis zijn ge­bracht.
3.         Indien een bepaalde datum van oplevering is over­eengekomen, wordt deze termijn automatisch verlengd indien stagnatie optreedt welke Debru niet kan worden aangerekend, zoals overmacht en/of calami­teiten als omschreven in arti­kel 20 van deze voor­waarden.
 
Art. 23. Verrekening meer- en/of minderwerk.
1.         Na oplevering van het werk dient Debru de eindaf­reke­ning in. Deze omvat:
            a. de aanneemsom,
            b. de veranderingen ontstaan door meer- en/of minderwerk,
            c. veranderingen ontstaan ten gevolge van wettelij­ke bepalin­gen.
2.         Betaling van de eindafrekening dient te geschieden overeen­komstig het bepaalde in artikel 4 van deze bepalingen.
3.         Debru heeft het recht, indien het tijdens de bouw opgedra­gen meerwerk een bedrag € 250,00 te boven gaat, een tussen­tijdse nota m.b.t. het meer­werk te zenden, welke nota alsdan door de opdracht­gever ook apart dient te worden be­taald.
4.         Eventuele geschillen over het werk en/of de eindaf­re­kening, schorten de betalingsver­plichting van de opdrachtgever niet op.
 
Art. 24.
Debru is aansprakelijk voor schade aan het werk, hulp­werken, materi­aal en materieel, voorzover deze scha­de is ont­staan door nalatig­heid of verkeerde handelin­gen van hem­zelf, zijn werknemers of van hen die door of vanwege Debru zijn aangesteld. Alle andere eventue­le schade is voor rekening van de opdrachtgever en geeft Debru recht op scha­dever­goeding.
 
Art. 25.
Bij ieder geschil, ongeacht of het handelt over de uit­voering van de werkzaamheden, dan wel wanneer het een financieel geschil betreft, zal de zaak worden voorge­legd aan de naar de regelen der wet bevoegde rechter.
© 2012 Debru Hoogwerk BV | Disclaimer | Algemene voorwaarden | Realisatie PuurIDee
Inloggen

Aanvraag Webfleet Demo

DEBRU Hoogwerk B.V.
Ambachtsweg 8
9563 TV Ter Apelkanaal
Tel: 0599 58 26 52
Fax: 0599 41 20 53
E-mail: verhuur@debru.nl

Reknr: ING 68.01.85.143
IBAN: NL39 ING B 0680 185143
KvK Groningen: 02333242
BTW nr: NL 8044.40.347.B.01

Deutsch English